Programmabegroting 2019-2022

Autorisatie en opzet begroting

Met deze begroting autoriseert de raad het college op het niveau van programma’s om uitgaven te doen. Dit geldt voor het totale begrotingsbudget per programma, het investeringsbudget per programma, de bijbehorende mutaties over reserves en de instelling van dekkingsreserves. Het college is daarmee bevoegd uitvoering te geven aan de doelstellingen van het betreffende programma. Voorwaarde daarbij is dat het college bij de besteding van de budgetten binnen de grenzen van de geautoriseerde budgetten blijft.

Binnen deze grenzen is het college bevoegd om de wijze van besteding van een programmabudget aan te passen (uiteraard wel met inachtneming van de te bereiken resultaten van het betreffende programma). Bij de jaarrekening legt het college verantwoording af aan de raad over de uitvoering (en dus de besteding van de budgetten en de bereikte resultaten) van het betreffende programma. Tussentijds wordt hierover gerapporteerd door middel van bestuursrapportages (Beraps). De Programmabegroting voldoet aan het Besluit begroting en verantwoording (hierna BBV).